Onderhoud

Mits een paar basisregels gevolgd worden kan je met een minimum aan moeite jarenlang van je mospot genieten. Ze zijn dan wel onderhoudsarm, helemaal onderhoudsvrij kan niet. Uiteindelijk is het de bedoeling om een ecosysteem in evenwicht te krijgen door licht, temperatuur, vochtigheid en lucht binnen je biome te optimaliseren.

  • Plaats je mospot nooit in direct zonlicht .
  • Plaats je mospot nooit op een verwarming of koelings-element.
  • Plaats je mospot bij voorkeur uit de tocht – dit zorgt voor permanente condensvorming op het glas.
  • Plaats je mospot ergens met een redelijk constante temperatuur.

Water

Water is belangrijk voor de groei van mos, maar net zoals alle planten kan je nog steeds overbewateren. Te hoge vochtigheid zal je mos bruin kleuren en uiteindelijk doden. Gelukkig kan je makkelijk controleren of het waterniveau in je mospot goed zit!

Voor open mospotten kan je het mos zelf aanraken – dit hoort vochtig en veerkrachtig aan te voelen. Bij sommige mossen zoals stermossen zal je deze ook zien inkrimpen en verkleuren als ze te droog staan.

Bij gesloten mospotten geef je één keer een goede beneveling en houd daarna de luchtvochtigheid in de gaten:

  • Altijd gecondenseerd?
    • Laat de mospot een halve dag openstaan.
  • Periodiek gecondenseerd?
    • Perfect! De luchtvochtigheid varieert gedurende de dag naargelang plantenactiviteit.
  • Nooit condens?
    • Tijd om water te geven

Gebruik bij het water geven een plantensproeier: mossen nemen water op via hun blad, niet via wortels. Mossen houden over het algemeen van een zuurdere omgeving, gebruik dus bij voorkeur regenwater, anders kan ook gedistilleerd of ontkalkt water.

Gebruik na het benevelen een microvezeldoekje om het glas aan de binnenkant te drogen – zo voorkom je vlekken en strepen.

Licht

Warm zacht licht zorgt over het algemeen voor de beste “tentoonstelling” van de mospot. Als je mospot te veel of te sterk licht krijgt zal je dit over tijd merken aan de blekere witgroene kleur van het mos, in plaats van de gezonde diepgroene kleur.

Een plekje bij het raam met indirect zonlicht is ideaal, maar mossen zijn niet kieskeurig!

Voor normale mospotten tot ongeveer 5L werkt elke goede bureau- of kastlamp met een heldere LED-lamp die 8-12 uur per dag brandt.

Het is perfect mogelijk om een mospot te houden in een kamer met enkel artificieel licht zoals in een kantoorruimte, zolang er ook een donkerperiode is.

Schimmel

Zeker bij afgesloten mospotten kan het voorkomen dat er zich zichtbare schimmeldraden vormen, of zelfs volledige zwammen. Vooral houten elementen zijn hier heel vatbaar voor. Dit is volledig natuurlijk en vormt geen probleem – een mospot is een levend systeem en zal over tijd evolueren.

De schimmels en zwammen zijn zgn. saprofyten die zich voeden met dood materiaal en tasten geen gezonde planten aan. De fauna in de mospot zal zich daarna tegoed doen aan de zwammen en schimmeldraden, en op hun beurt dan weer voor bemesting van de planten zorgen.

Om de kans op schimmelbloei te verlagen kan je de mospot regelmatig verluchten, en benevelen met een kamillethee-oplossing. Kamille is schimmelwerend en schaadt het mos niet – gebruik geen te sterke oplossing om verkleuring te voorkomen.

Indien er echt véél schimmel in de pot ontstaat, of er vormen zich permanente kolonies die je toch wil verwijderen kan je met een lichte oplossing van water en azijn, of met een waterstofperoxide-oplossing, de getroffen gebieden aanstippen met wattenstaafjes.

Verder onderhoud

Snoeien

Door de hoge luchtvochtigheid kunnen kleine plantjes snel aan hoogte winnen. Snoeien is niet nodig, maar soms wel wenselijk om esthetische redenen. De meeste planten die in een mospot gebruikt worden zijn trouwens ook makkelijk te stekken door de gesnoeide stukjes in water te zetten!

Fauna

Elke mospot bevat van nature uit een hoop kleine helpers die ervoor zorgen dat dood materiaal zoals bladval en schimmels opgeruimd geraken, en als voedingstoffen terug terechtkomen in de bodem. Al deze fauna vinden in de mospot de ideale omgeving en hebben dus geen enkele reden om die te proberen verlaten, en hoeven ook geen extra voedsel te krijgen. Lees meer over al het leven in de mospot!

Rouwvliegjes

Minder hulpvaardige diertjes die je kan zien zijn zogenaamde rouwvliegjes – gelijkaardig aan fruitvliegen qua uiterlijk en formaat. Berucht bij menig huisplant-liefhebber, deze leggen hun eitjes in vochtige grond en zorgen voor wolken zwarte vliegjes als je de plant verstoort. De vliegjes zelf zijn onschadelijk, maar hun larven in de bodem zorgen voor vraatschade aan planten.

Rouwvliegjes komen vooral voor in open mospotten – de bereikbare constant-vochtige omgeving is voor hen onweerstaanbaar. Er bestaan biologische bestrijdingsmiddelen zoals stenema aaltjes die als natuurlijke vijand de larven van de rouwvlieg parasiteren en doden. Felgeel vliegpapier heeft ook effect, maar lost enkel het symptoom op.